Updates Veiligheid Oosterhorn

Met enige regelmaat wordt door de Programmacoördinator Veiligheid Oosterhorn een update verspreid aan de betrokken organisaties. Hieronder vindt u deze updates.

16 september, Bijeenkomst ‘Toekomst Brandweerzorg’ in Delfzijl: een interactieve en explosieve bijeenkomst

Op donderdag 16 september vond de kennissessie ‘Toekomst Brandweerzorg’ plaats in de brandweerkazerne Delfzijl. Het was een bijzondere sessie omdat deze, sinds de start van de pandemie, eindelijk weer fysiek kon worden georganiseerd. De sessie werd geleid door Ingrid van Elst, teamleider Brandweerzorg Eemsdelta en Midden-Groningen en haar collega’s Arvid Klijzing, vakspecialist Brandveilig Leven en Toezicht Veiligheidsregio Groningen en Pieter Timmer, medewerker vakbekwaamheid, die van de gelegenheid gebruik maakte om de effecten van een gasexplosie te demonstreren.

Al snel wordt duidelijk, dat de bijeenkomst niet alleen draait om het letterlijk en figuurlijk blussen van branden. Veiligheidsregio Groningen heeft het oog op de toekomst en die komt met de nodige uitdagingen. Zo vindt er een energietransitie plaats waarbij er meer en meer gebruik wordt gemaakt van waterstof. Een stof waarop de brandweer zich nog veel beter wil voorbereiden. Daarnaast vindt er krimp plaats als gevolg van vergrijzing, terwijl de groei van de industrie alleen maar toeneemt. Dit zorgt voor toenemende druk op het aantal vitale vrijwilligers.

Vrijwillige- en beroepsbrandweermensen
Ook de taakdifferentiatie die plaatsvindt, waarbij duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen de vrijwillige en de beroepsbrandweermensen, heeft voor de nodige druk gezorgd. Het heeft ook nog eens extra duidelijk gemaakt hoe belangrijk vrijwilligers zijn. Neem de brandweerpost in Delfzijl. Die heeft zo’n 200 uitrukken per jaar. Voor dit aantal uitrukken is het niet rendabel om enkel met beroepsbrandweermensen te werken en daarmee de post 24/7 te bezetten. 

Visie
Om al deze ontwikkelingen zo goed mogelijk op te vangen, wordt er aan een nieuwe visie op de Brandweerzorg gewerkt. Deze wordt naar verwachting begin volgend jaar (2022) vastgesteld. De visie, zoals die momenteel in ontwikkeling is, focust zich op:

  • meer nadruk op het voorkomen van incidenten (preventie)
  • de samenwerking met anderen (de brandweer kan het niet alleen)
  • een blijvende nadruk op repressie (het blussen van branden)
  • het waarborgen van paraatheid en slagkracht (op peil houden van de teams)
  • het behoud van vrijwillige inzet als uitgangspunt (behalve als het echt niet meer gaat)

Verwachtingen
Het afstemmen van verwachtingen was een belangrijk onderdeel van de kennissessie. Zonder afstemming sluiten verwachtingen namelijk niet per definitie op elkaar aan. Zo willen inwoners van een woonhuis graag dat hun woonplek wordt gered, maar de brandweer is primair gericht op het redden van mens en dier en het voorkomen van verdere verspreiding van de brand. Het kan dus voorkomen dat de brandweer een pand gecontroleerd laat uitbranden. De brandweer heeft uitgesproken wat bedrijvenzoal van hen kan verwachten:

  • Vakkundige inzet bij incidenten (7)
  • Meedenken over veiligheid vanuit brandweerperspectief (7)
  • Vakkundige hulp bij voorbereiding ‘van incident tot komst hulpverleners’ (7)
  • Oefenen met overheidsbrandweer (en Falck Fire Services) (7)
  • Toezicht op wettelijke eisen (7)
  • Het behouden van korte lijnen (8)
  • Proactief handelen (6)

Score
Achter de verwachtingen staat een cijfer. Dit is het gemiddelde rapportcijfer (1–10) als antwoord op de vraag van Ingrid in hoeverre de brandweerzorg op dit moment aan de verwachtingen voldoet. Ingrid van Elst over deze score: ”Al met al mogen we niet ontevreden zijn over deze resultaten. Wel ben ik geïnteresseerd in de totstandkoming van deze scores. Een gemiddelde van een 7 geeft namelijk voldoende mogelijkheden om het beter te doen. Ik zou graag het gesprek met de deelnemers willen aangaan, zodat zij dit verder kunnen duiden. Zij mogen mij bellen.”

Pieter Timmer & Ingrid van Elst

Risicobeheersing
Arvid Klijzing vertelde aansluitend over zijn rol binnen de risicobeheersing, waarbij de focus ligt op preventieve acties en ‘brandveilig leven’. Hierbij wordt aandacht besteed aan bewustwording en gedragsverandering met als doel: minder branden, minder slachtoffers en minder schade. Risicobeheersing doet dit door bovenwettelijke taken uit te voeren en extra rekening te houden met gebieden die minder snel bereikt kunnen worden door de brandweer. Bij al deze werkzaamheden proberen zij zo goed mogelijk de woonomgeving te betrekken.

Evacuaties
Ook trekken zij lering uit eerdere ongevallen. Zo vertelde Klijzing over een grote brand in Musselkanaal: “De rook had grote gevolgen voor de bewoners van een nabijgelegen ouderencomplex. Daar was nooit rekening mee gehouden. Gelukkig werden de ouderen met behulp van buurtbewoners netjes en snel geëvacueerd. Toen alles erop leek te zitten, was er met nóg een aspect geen rekening gehouden: alle geëvacueerde inwoners moesten ook weer terug naar hun woningen. Deze situaties worden nauwkeurig beoordeeld om ze in de toekomst te kunnen verbeteren.”

Samenwerking aangaan
Veiligheidsregio Groningen wil zich altijd verder ontwikkelen en gaat daarvoor graag de samenwerking aan. Met bedrijven bijvoorbeeld. Die worden als experts beschouwd als het aankomt op de stoffen die zij tijdens hun werkzaamheden hanteren. Van Elst en Klijzing gaven nadrukkelijk aan graag een verdere samenwerking met het bedrijfsleven te willen, om kennis te delen en gezamenlijk oefeningen te organiseren, om zo goed mogelijk voorbereid te zijn op mogelijke incidenten. 

Demonstratie
Op het einde van de kennissessie konden de deelnemers nog genieten van een smakelijk broodje en een bijzonder explosieve demonstratie, verzorgd door de zeer enthousiaste en deskundige Pieter Timmer. Hierbij werden op gecontroleerde wijze mengsels van propaangas en zuurstof tot ontploffing gebracht. Onzichtbaar voor het blote oog kwamen de ingrediënten in de juiste verhouding bij elkaar, om samen voor een stevige explosie te zorgen. Hiermee werden de gevaren zichtbaar gemaakt van situaties die ogenschijnlijk onder controle zijn, maar waarbij hoge temperaturen, gassen en zuurstof wachten op de juiste verhouding om te reageren.

Terugblik donderdag 11 maart: online kennissessie Ondermijning

Op donderdag 11 maart vond de kennissessie Ondermijning plaats. Rini ten Grotenhuis en Paul van der Weiden, adviseurs Lokale Veiligheid bij het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV), en Jan de Vries, politie Noord-Nederland en manager van het Platform Veilig Ondernemen Noord-Nederland (PVONN), trapten de eerste kennissessie van 2021 van het programma Veiligheid Oosterhorn af. De kennissessie sloot mooi aan op de kennissessie van 12 maart 2020, waarin het RIEC (Regionaal Informatie- en Expertise Centrum) een algemenere inleiding op het thema ondermijning verzorgde.

Het kan zomaar je buurman zijn

Bij ondermijning vervagen de grenzen tussen de bovenwereld en de onderwereld. Vaak valt het een buitenstaander dus niet eens op dat iets ondermijning zou kunnen zijn. Het zou dus zomaar je buurman kunnen zijn. De deelnemers aan de kennissessie bevestigen dit idee. Wat betreft het herkennen van signalen van ondermijning geeft een groot deel van de deelnemers aan dat ze wel eens wat vermoeden, maar zich afvragen of het wel daadwerkelijk ondermijning is.

Kijk als buitenstaander naar je bedrijf

Bij het herkennen van ondermijning is het belangrijk om niet alleen buiten de muren van je eigen bedrijf te kijken, maar juist ook bínnen je bedrijf. Het kunnen namelijk ook je collega’s zijn die zich met ondermijnende criminaliteit bezighouden. De tip om ondermijning binnen je eigen bedrijf tijdig te herkennen, is om als buitenstaander naar je bedrijf te kijken, aldus het CCV. Ondermijning zit hem namelijk vaak in de kleine dingen, zoals logistiek of voorraden. Hierbij kun je bijvoorbeeld denken aan het meenemen van vaten, jerrycans en dozen of de aan- en afvoer van grondstoffen. Wie heeft op je terrein allemaal toegang tot bepaalde stoffen en hoe worden de voorraden bijgehouden en gecontroleerd?

Ondermijning in de ogen van de deelnemers

Tijdens de sessie werd aan de circa 20 deelnemers een aantal vragen via Mentimeter gesteld. De aanwezigen vertegenwoordigden samen allerlei verschillende organisaties, waaronder bedrijven op de Oosterhorn, de Veiligheidsregio Groningen, brandweer, politie en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Hoe kijken zij eigenlijk tegen ondermijning aan, en zijn ze zich ook bewust van bepaalde veiligheidsrisico’s?

Bij de vraag ‘wat komt er als eerste in je op bij de term ondermijning?’, kwam direct een breed scala aan termen in beeld. ‘Criminelen’ werd veruit het meest genoemd, maar de deelnemers brachten ook zaken als systeemobstructie en arbeidsuitbuiting in verband met ondermijning.

Ondermijningsrisico’s

Daarnaast gaven de deelnemers aan verschillende ondermijningsrisico’s voor hun bedrijf te zien, zoals op het gebied van belangenverstrengeling, cyber en de menselijke factor. Over die menselijke factor werd al gauw verder gesproken, want de menselijke poort is kwetsbaar. Hoe gaan medewerkers bijvoorbeeld om met het delen van informatie op sociale media en wat kunnen criminelen daarmee? Gelukkig kwamen hierover meteen tips vanuit de deelnemers. Zo zei een aanwezige dat je medewerkers trainingen op het gebied van mediawijsheid kunt aanbieden. Ook zou je gedragsregels op kunnen stellen, zodat medewerkers weten wat ze wel en niet naar buiten kunnen brengen op sociale media. 

Focus op bestaande samenwerking

Wat kun je nu concreet doen om ondermijning tegen te gaan? ‘Breng in kaart bij welke onderdelen de kwetsbaarheden kunnen liggen en kijk waar de blinde vlekken binnen je organisatie zitten. Stel hiervoor een concreet plan van aanpak met tijdspad op, zodat je deze zaken aan kunt pakken.’

Het CCV benadrukte hierbij de sterke samenwerkingsverbanden die al bestaan binnen de Oosterhorn: ‘ga niet zelf allemaal nieuwe dingen optuigen, maar kijk vooral vanuit de al bestaande samenwerking.’ Een laatste tip van een van de deelnemers: ‘ga het gesprek aan met je medewerkers, praat over ondermijning. Schakel bijvoorbeeld een externe partij in die er een praatje over houdt en benadruk: melden is niet hetzelfde als klikken.’

Zelf aan de slag

Naar aanleiding van de kennissessie hebben Rini, Paul en Jan de inhoud en de tips kort op een rij gezet. Met dit document kunnen bedrijven en instellingen een eerste check doen op het gebied van ondermijning. Download hier het document en ga zelf aan de slag.

Meer informatie

Wil je je meer weten over ondermijning? Kijk hier voor meer informatie over het PVO of download de factsheet van het PVO. Kijk daarnaast ook eens op www.nietondermijnneus.nl, de actuele campagne van de politie en RIEC Noord over ondermijning. Wil je actief aan de slag om ondermijning aan te pakken? De specialisten van het CCV kunnen je helpen met adviezen die jouw probleem op maat benaderen. Neem daarvoor contact op met het CCV.

Het PVONN

In het PVONN werken politie, justitie, gemeenten, brancheorganisaties en de ondernemers samen aan de oplossing van veiligheidsproblemen door de criminaliteit in kaart te brengen. Met elkaar kijken ze wat er nodig is: preventieve maatregelen nemen, repressieve maatregelen invoeren of een mix van verschillende maatregelen?

Het CCV

Het CCV is een onafhankelijke stichting die helpt veiligheidsproblemen in kaart te brengen en op te lossen. Ze biedt kennis, instrumenten, keurmerken, voorlichtingsmateriaal en advies op maat aan, gericht op veilig wonen, veilig werken en veilig leven. Preventie is daarbij steeds het uitgangspunt.

26 november 2020: Online Brainstorm ‘Safety Deal Eemsdelta’

Op donderdag 26 november stond een interactieve online brainstorm op het programma, over de Safety Deal Eemsdelta. Frans Alting, directeur SBE verzorgde een korte inleiding over de doelen, de kaders en het proces richting de Safety Deal. Daarna nam kwartiermaker Jos Leuveld het stokje over. Jos is voormalig plantmanager van Zeolyst en oud-voorzitter van het SBE-bestuur Industrie. Hij zal een aantal inventariserende gesprekken voeren met bestuurders van bedrijven, overheden en organisaties, om te onderzoeken hoe door samenwerking het veiligheidsniveau op en rond de Oosterhorn kan worden verhoogd.

De Safety Deal komt voort uit de Subsidieregeling Versterking Omgevingsveiligheid en is gericht op de industrie en bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen. Achterliggende gedachte is, dat niet alleen de regels, maar vooral ook een hechte samenwerking de oplossing vormt voor het verhogen van het veiligheidsniveau. Dit sluit naadloos aan op de doelstelling van het programma Veiligheid Oosterhorn. Naast SBE nemen bij de start een tiental bedrijven, overheden en Groningens Seaports deel. Laatstgenoemde is ook penvoerder. Naar verwachting zullen er tijdens de inventarisatie en analyse van Jos Leuveld veel meer partijen aansluiten.

Open en interactief
Jos stelde een aantal vragen tijdens de sessie en legde stellingen voor. Daarmee werd het een zeer open en interactieve brainstorm, met meer dan 20 deelnemers vanuit allerlei verschillende organisaties, waaronder de Veiligheidsregio Groningen, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, brandweer, politie, Stichting Cyber Security Centrum Noord-Nederland en natuurlijk verschillende bedrijven op het Chemie Park.

Alvast meedenken
De specifieke inhoud van de Safety Deal Eemsdelta en de onderliggende projecten en activiteiten moeten nog bepaald worden. Deelnemers werden daarom tijdens de online brainstorm uitgedaagd om alvast mee te denken over de mogelijke invulling daarvan. Vragen als ‘wat moet volgens u terugkomen in de Safety Deal?’ en ‘wanneer is de Safety Deal voor u geslaagd?’ stonden centraal. Bent u benieuwd naar alle antwoorden, ideeën en suggesties? Download dan hier de uitkomsten van de sessie.

22 oktober: online workshop over Veiligheid & Beveiliging

Welke meerwaarde kunnen we creëren door zaken als Veiligheid en Beveiliging samen te organiseren? Pieter van der Wal, havenmeester van Groningen Seaports leidde op 22 oktober de online discussie en ging met de ruim 20 online deelnemers het gesprek aan over onderwerpen die passen bij ‘next level’ veiligheid en beveiliging, zoals:

  • Het afsluiten van wegen, die nu openbaar zijn
  • Integraal toegangsbeheer, zowel fysiek als digitaal
  • Overkoepelend monitorsysteem
  • Gebiedsbrede toegankelijkheid voor medewerkers en leveranciers

Frank Mulder, van Securitas Nederland en Manager Security voor Chemie Park Delfzijl nam het stokje over en gaf een presentatie over de praktijk. Hoe verzorg je de beveiliging en hoe zorg je voor veiligheid in coronatijd? De toegang tot het Chemie Park Delfzijl verloopt op basis van een registratie in het Security Registratie Systeem, een geldig legitimatiebewijs, kennis van de veiligheidsregels en de zogeheten Life Saving Rules, via het bekijken van een instructiefilm en het juist beantwoorden van een aantal vragen en een VCA-certificaat (Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers).

Systemen delen
Aangezien een groot deel van de aanmeldingsprocedure digitaal en online verloopt, is het denkbaar dat verschillende bedrijven hun systemen met elkaar delen. Hierdoor hoeven medewerkers, contractors, leveranciers en andere bezoekers zich niet telkens weer opnieuw aan te melden en te registreren. Eenmaal geregistreerd en aangemeld, heeft men dan toegang tot het hele bedrijventerrein. Dankzij persoonlijke pasjes weet het systeem precies wie zich waar op het terrein bevindt.

Centrale toegang
Een vraagstuk dat telkens opnieuw opduikt, als het om veiligheid en beveiliging gaat, is het al dan niet afsluiten van de Oosterhorn (en de Dijkweg) voor openbaar verkeer. Daarmee zou er veel meer controle en overzicht ontstaan en zouden bepaalde risico’s beter afgedekt kunnen worden. Uiteraard is dit makkelijker gezegd dan gerealiseerd. De deelnemers waren in meerderheid voor de afsluiting van de Dijkweg, maar behoorlijk verdeeld over de afsluiting van de Oosterhorn zelf. Centrale toegang blijft voorlopig dus nog op de verlanglijst staan. Het gezamenlijk nadenken en spreker hierover was plezierig en vruchtbaar.

17 september: online sessie samenwerkingsverbanden

Na de zomer begon het programma Veiligheid Oosterhorn het nieuwe seizoen meteen goed, met een interactieve online bijeenkomst in het teken van samenwerkingsverbanden. Kees Kappetijn, strategisch adviseur industriële veiligheid voor BRZO bedrijven en veiligheidsregio’s, verzorgde een interessante presentatie met veel nationale en internationale voorbeelden.

‘Welke varianten kennen we van gezamenlijke veiligheidsorganisaties in Nederland en in de wereld?’ Die vraag stond centraal in de presentatie van Kees Kappetijn. Als consultant in het veiligheidsdomein ondersteunt hij samen met een team van consultants diverse organisaties die met bijzondere crisistypes geconfronteerd kunnen worden. “Er is nog veel kwaliteitswinst te halen uit goede en afgestemde samenwerking, zeker in industrie- en havengebieden waar de uitdagingen en belangen groot zijn”, aldus Kappetijn.

Belangen
Binnen Veiligheid Oosterhorn treffen veiligheidsregio, havenbedrijf, gemeente, bedrijfsleven en provincie elkaar. Maar hoe is dat op andere bedrijventerreinen georganiseerd? De belangen zijn vergelijkbaar, de oplossingen worden vaak verschillend vormgegeven. Zo zijn op sommige parken de bedrijven ‘in the lead’ en trekken elders juist overheden de kar. De hamvraag is: “op welke thema’s wil je als belanghebbende partijen samenwerken?” Deze vraag leidde tot een grote hoeveelheid thema’s vanuit de deelnemers, die ze via hun smartphone instuurden.

Publiek-Private Samenwerking
Kappetijn: “In de meeste samenwerkingstrajecten vormen de volgende vier soorten stakeholders doorgaans de kern (in wisselende onderlinge samenstellingen). Het gaat dan vaak om Mutual Aid (delen van mensen en middelen) en andere samenwerkingsvormen (delen van kennis en innovatie, contact met onderwijs, communicatie).”

  • Overheden die verantwoordelijk zijn voor de veiligheid en openbare orde (gemeente(n), veiligheidsregio’s)
  • Bedrijven, met bijzondere veiligheidsprofielen en/of continuïteitsbelangen
  • Havenbedrijven die kijken naar veiligheid en continuïteit, maar ook naar een optimaal en stabiel vestigingsklimaat
  • Regelgevers, vergunningverleners en toezichthouders (ministerie, provincie, gemeente, politie)

What’s in it for me?
De samenwerking komt pas echt goed tot haar recht, als de deelnemende partijen er voordeel in zien: het veiligheidsbewustzijn wordt beter, makkelijker te organiseren, efficiënter en misschien zelfs wel goedkoper. Innoveren gaat sneller en wordt ook interessanter naarmate er meerdere partners meedoen. Kappetijn: “Sleuteldilemma voor samenwerking is vaak de vraag: Ben ik bereid individuele zeggenschap in te leveren om gezamenlijk voordeel te behalen? Wat we hebben geleerd in samenwerkingstrajecten is, dat elke (potentiële) samenwerkingspartner zich drie vragen zou moeten stellen:

  1. Zijn er relevante ontwikkelingen of problemen waar ik iets mee moet?
  2. Is er urgentie om die ontwikkelingen en/of problemen op te pakken?
  3. Is samenwerking de voorkeursvariant voor het aanpakken van de ontwikkelingen/problemen?

Bij 3 x Ja kun je met overtuiging in zo’n proces stappen. Bij 1 of meer x Nee, moet je goed overwegen waarom je zou participeren.”

SAMENWERKENDE PARTNERS